woensdag 4 juli 2012

Voor je eigen gemoedsrust

Als ik Wiesenthal was, had ik denk ik de Nazi wel vergeven. Niet omdat ik zijn laatste wens zou willen vervullen, maar puur uit eigenbelang, zoals de Nazi ook uit puur eigenbelang Wiesenthal om vergeving vroeg. Ik zou hem vergeven, simpelweg omdat het te zwaar is om een levenlang iemand niet te kunnen vergeven. Wiesenthal is na de oorlog heel zijn leven lang bezig geweest met het opsporen en straffen van oude Nazi’s. Heel zijn leven lang is hij woedend gebleven op de Nazi’s, hij heeft ze nooit kunnen vergeven. En dat is begrijpelijk: ik zeg niet dat de Nazi’s vergeving verdienen, maar het is zeer waarschijnlijk dat als Wiesenthal ze wel vergeven had, hij gelukkiger oud zou zijn geworden. Wiesenthal heeft het geluk gehad te overleven. Toch heeft hij zijn leven aan de Nazi’s gegeven door constant met hen bezig te zijn. Ik zou de Nazi enkel en alleen uit eigenbelang hebben vergeven. Een andere reden om gehoor te geven aan de laatste wens van de stervende man kan ik niet bedenken. Om in volle gemoedsrust te sterven is het niet genoeg als iemand anders je vergeeft. Je moet jezelf kunnen vergeven, pas dan kan je vredig sterven. En ik denk dat de Nazi zichzelf wel al had vergeven. Hij had geen vergeving gevraagd als hij vond dat hij die niet verdiende. Toch had ik de Nazi wel vergeven. Niet voor zijn gemoedsrust, maar voor de mijne.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten